Nederlandse Belangenvereniging van Hobbydierhouders
Hygieneprotocol voor geiten- en schapenbedrijven i.v.m. Q-koorts Afdrukken E-mail

27 januari'10

Vandaag (27 januari) is ook bekend geworden dat voor alle bedrijven met een publieke functie, zoals kinderboerderijen, een hygiëneprotocol is opgesteld, met een aantal verplichte onderdelen en een aantal adviezen. Voor hobbydierhouders en andere kleinschalige houders zonder publieke functie gelden slechts de adviezen. De NBVH raadt eenieder die binnenkort lammetjes verwacht de adviezen zo veel mogelijk op te volgen. Dat is in het belang van de houder en zijn directe omgeving. De informatie over het protocol is hieronder te lezen.

LNV en VWS hebben een hygiëneprotocol opgesteld voor geiten- en schapenbedrijven met een publieke functie. In dit protocol staan adviezen aan de kleinschalige bedrijven, zoals kinderboerderijen, zorgboerderijen, dierentuinen, en bedrijven met lammetjesaaidagen.

De adviezen zijn bedoeld om de risico’s van overdracht van Q-koorts van schapen en geiten naar mensen te beperken.
Voor overige (kleinschalige) bedrijven zonder publieksfunctie is geen apart protocol opgesteld.
Het hygiëneprotocol bevat echter ook voor deze categorie nuttige adviezen.

Door hier te klikken kunt u het hygiëneprotocol vinden.

Meer informatie over het beleid op bedrijven met een publieke functie is te vinden in de kamerbrief.

Hieronder enkele belangrijke aandachtspunten.

Gescheiden aflammeren
Eén onderdeel van het Hygiëneprotocol is verplicht voor kinderboerderijen en andere bedrijven met een publieke functie. Dierhouders zijn verplicht om hun schapen en geiten na 4 maanden dracht tot 2 weken na het aflammeren in quarantaine te plaatsen, dit wil zeggen binnen te houden en afgezonderd van bezoekers en het publiek. Als een kinderboerderij niet de beschikking heeft over een dergelijke ruimte, is het bedrijf verplicht de drachtige geiten en schapen af te laten lammeren op een locatie zonder publieksfunctie. Als op deze locatie ook andere geiten en schapen staan, dan mogen deze dieren na het aflammeren niet meer terugkeren naar de kinderboerderij.

Vaccinatie
Volgens de huidige regeling is vaccinatie verplicht voor schapen en geiten
• die voor de melkproductie worden gehouden. Dus ook op locaties waar minder dan 50 melkschapen en melkgeiten worden gehouden of waar de dieren gehouden worden voor melk voor eigen gebruik.
• op opfokbedrijven die geiten of schapen opfokken die bestemd zijn voor melkproductie.
• kinderboerderijen
• zorgboerderijen
• dierentuinen
• op een locatie waar lammetjesaaidagen worden gehouden
• in een rondtrekkende schaapskudde
• in een natuurgebied.

De vaccinatie dient plaats te vinden voor 1 januari 2011. Als er lammetjesaaidagen worden gehouden, dan moet gevaccineerd worden voordat de lammetjesaaidag plaatsvindt. Aangezien er naar verwachting pas vanaf april een beperkte eerste partij vaccin beschikbaar komt en de eerste vaccinatie tweemaal plaats moet vinden, kunnen er dus voorlopig geen lammetjesaaidagen worden georganiseerd.
De vaccinatieverplichting geldt niet voor die dieren die in 2010 geboren worden en in dit jaar worden afgevoerd naar de slacht.
Overige houders van schapen en geiten kunnen hun dieren vrijwillig laten vaccineren.

Al eerder heeft het Platform KSG geadviseerd om alle schapen en geiten in risicogebieden waarmee gefokt wordt te vaccineren. Tijdens het debat in de Tweede Kamer van 27 januari 2010 is aan de minister van LNV gevraagd een vaccinatieplicht in te stellen voor alle schapen en geiten in Nederland. In de komende tijd zal er meer duidelijkheid komen over beschikbaarheid van vaccin.